Het Ruime Sop
Trailerhellingen Hier kun je al je vistips kwijt.
De zee is groot en
wie wil er nu niet met een -eigen- boot op uit en het ruime sop kiezen? Dit is
de pagina met algemene informatie over het bootvissen in het Europoortgebied
samengesteld door leden met een brede bootervaring zoals Leon van Hagen #1,
Albert Lansink #229 en Gilles Traas #59. Dat de vangsten vanaf de boot over het
algemeen stukken beter zijn dan vanaf de kant is zowat een ieder bekend. Maar
ook met de boot kan het verkeren. Sommigen zijn in het gelukkige bezit van een
eigen bootje, maar wie dat niet is, kan middels de verschillende
chartermaatschappijen die in ons gebied aanwezig zijn toch de zee op om deze
vorm van zeevissen te beoefenen. Op deze pagina wordt ingegaan op de
verschillende aspecten van het bootvissen. Het gaat bijvoorbeeld over
veiligheid, stekken, vistechnieken, ervaringen, tips en noem maar op. Volledig
zal het echter nooit zijn.
Bootje van Gilles Traas #59, ligplaats
Rockanje
Veiligheid met de
kleine bootjes
Bij het bootvissen
ligt heel erg leuk en ronduit beangstigend vaak dicht bij elkaar. Ik heb het
zelf wel eens gehad dat door slecht contact van de accuklem de motor niet meer
startte toen ik de sleutel omdraaide. Dat is midden op zee een heel vervelende
gewaarwording kan ik je verzekeren. Met het veiligheidsaspect beginnen we dus,
omdat veiligheid boven alles gaat. Op de Maasvlakte zijn soms ware stuntmannen
actief. Groepjes mannen die met een rubberbootje (vaak overbeladen) de zee
opgaan en ergens op het midden van de Blokkendam hun stek kiezen. Werkelijk
levensgevaarlijk, in de loop der tijden zijn er in dit gebied al vele doden te
betreuren, dit door verschillende factoren, maar vrijwel altijd door eigen
schuld. Omslaan is zo gebeurd, onderkoeling ook. De getijdestroming is
ontzettend sterk, daar doe je met je peddels en kleine buitenboordmotortje niets
tegen. Eigen veiligheid eerst dus!!!!!!! En let wel: het water rond de
Maasvlakte is geen Oosterschelde of binnenwater!!
Bij de aanschaf van een
eigen bootje bestaat gemiddeld wel 30% van de prijs uit allerlei
veiligheidsmaatregelen. En terecht! Veel veiligheidsmaatregelen zijn wettelijk
niet verplicht. Maar is dat het belangrijkste? Het materiaal aan boord moet dan
ook allemaal tiptop in orde zijn, bovendien vindt de politie toch altijd wel
wat, en dat is meestal een dure grap. Uiteindelijk is het echter in je eigen
belang! Hieronder zie je een tabel waarin de eisen van de Bootvisvereniging
Zuidwest Nederland (Deltavissers) zijn opgenomen. Let wel, dit is een
minimumlijst. Veel bootjes zijn bijvoorbeeld ook nog uitgerust met een klein
hulpmotortje, het zogenaamde thuiskomertje, voor het geval de hoofdmotor het begeeft.
Ook goedwerkende electronica als GPS, dieptemeter en een bakkie/marifoon moeten
gewoon aan boord zijn.
Keuringslijst WSV 's Gravezande
Bootlengte:
minimaal 4 meter
Anker met minimaal 70 meter
lijn
Vloeistofkompas
P.T.T.-goedgekeurde zend-en
ontvangst-
apparatuur
Radarreflector
Zwarte ankerbal
Mes,
lucifers/aansteker
Verbandtrommel
Hoosvat of pomp
Reparatieset
b.b.-motor
Transistor-radio
Motor:
minimaal 10 pk
Reserveanker met voldoende
lijn
Noodsignalen
Scheepshoorn of toeter
Reddingsvest of
overlevingspak voor elke opvarende
Zeekaarten en
Zeeaanvaringsreglement
Waterdichte zaklamp
Grijplijnen of
life-lijnen
Voldoende drinkbaar
water
Brandblusapparaat
Delta-nummer op de
trailer
Veiligheidseisen van de Bootvisvereniging Zuidwest
Nederland
Zorg altijd voor een telefoonnummer van de reddingbrigade
of kustwacht in de buurt op een makkelijke plek en uiteraard .... voldoende
brandstof! Het spreekt van zelf dat de elektronica alleen werkt als er stroom
is, dus zekeringen mee! De meeste verenigingen raden ook aan om twee accu’s in
je boot te hebben. Zorg er daarbij voor dat je goed vertrouwd bent met je
spullen, dat wil zeggen dat je weet op welk kanaal je een verkeerscentrale of
kustwachtstation moet oproepen en wat de procedures zijn, dat je elementaire
kennis hebt van de buitenboordmotor (zodat je bijvoorbeeld een slecht contact
bij een accuklem kunt opsporen), dat je je benzinefilter of een bougie ook
midden op zee kunt vervangen, dat je niet het hoosvat begint te zoeken op het
moment dat je voeten al nat zijn, enzovoorts. Alle hier genoemde zaken zijn
overigens ontleend aan voorvallen zoals de reddingsmaatschappij (de KNRM) ze
tegen is gekomen.
Veel electronica voor optimale veiligheid!
Wij
adviseren iedereen die er met een eigen bootje op uittrekt om in ieder geval het
vaarbewijs te halen, zeker in ons gebied met de drukke scheepvaart, is dat geen
overbodige luxe. Ook het lidmaatschap bij één van de bootvisverenigingen is van
harte aan te bevelen. Maar zoals gezegd, de meeste ongelukken gebeuren door
eigen onoplettendheid. Ankertouw in de schroef, krabbende ankers, grondzeeën op
de platen, te dicht bij de Blokkendam vissen, onstabiele boot met teveel vissers
aan één kant, midden op zee de accu’s leeg, benzine op, het zijn maar
voorbeelden.
Een ontzettend triest verhaal wat eerder in het Delta
bootvis-verenigingsblad stond, heeft nogal wat indruk bij deze en gene gemaakt:
Een tweetal vissers lagen met ruw weer voor de Blokkendam. Door de daar soms
voorkomende 'grondzeeën' sloeg hun boot om, terwijl 1 bemanningslid in de kajuit
zat. Daar raakte hij verstrikt in opgerolde klossen touw, die bij het omslaan
alle kanten opvielen. Deze visser verloor hierbij het leven, zijn maat werd
gered door collega bootvissers die gelukkig in de buurt lagen.
Zoiets is toch
werkelijk verschrikkelijk!!??
Nog even een tip bij het bootvissen, zorg
dat je een soort kapmes in de buurt hebt. Deze is dan niet bedoeld om er de
Deense beroepsvisserij mee van de wrakken te slaan, maar als er iemand over
boord valt in de volle stroming, kan je gelijk het ankertouw doorhakken. Doe je
dit niet, en ga je eerst het anker ophalen, dan is de drenkeling al heel ver
weg. Met het doorslaan van de ankerkabel drijft de boot in dezelfde richting mee
als de drenkeling. Soms varen grote schepen ook op de automatische piloot, mocht
die recht op je af komen dan moet je als de sodemieter wegwezen en heb je geen
tijd meer om het anker binnen te halen.
Wij willen een ieder aanraden die
met een boot de zee opgaat, dit de eerste keren te doen met een ervaren
zeeschuimer.
De
aanschaf
Denk je er over om een
eigen bootje te kopen, bedenk dan eerst wat je er mee wilt. Wil je vlak voor het
strand vissen, de Blokkendam of ver weg naar de wrakken. Het is van invloed op
welk type je wilt kopen en hoe zwaar deze moet zijn? Wil je traileren of ligt de
boot in een haven. Hoe groot is de beurs? Koop ik een nieuwe of een tweedehands?
Sommigen laten het seizoen meewegen: “ik vis alleen in de zomer, dus ik heb een
minder zware boot nodig”. Kul dus!! Wij hebben alleen niet de kennis om je te
adviseren welk type boot het beste bij jou past. Laat je dus goed voorlichten
bij de verschillende leveranciers en bij collega bootvissers. Binnen de
Eurovissers zijn er genoeg!
Bootje van Sjaak v/d Ende #2. Samen met Leon en
Johan klaar voor de strijd!
Het weer
De wind, of
eigenlijk de golfhoogte is een allesbepalende factor bij het bootvissen: meer
wind betekent hogere golven en dat is bepalend of je nog wel of niet kunt
vissen. Bij de Deltavissers heb ik wel eens gelezen dat je ruwweg een golfhoogte
van 15% van de bootlengte aan kunt houden als maximale golfhoogte. Dat wil
zeggen dat, als je een boot hebt van 5 meter de golven toch echt niet hoger dan
75 centimeter mogen zijn. Mijn ervaring is dat het met golven van boven de 50
centimeter al heel snel heel oncomfortabel vissen wordt (lees: de lol is er dan
af). Ook zaken als onweersbuien, windhozen e.d. wil je niet tegenkomen op zee en
vergis je niet hoe lastig het is om te varen als het mistig is. Het is dus zaak
om het weerbericht goed in de gaten te houden. Het liefst gaan we er natuurlijk
op uit als het een beetje stabiel weer is met weinig wind.
Onderstaand
een stuk of wat internet sites met weerberichten:
![]()
1. Een Duitse
site met echt ongelofelijk veel weerkaarten voor wel een week vooruit. De
voorspelde weerkaarten van alle meteorologische instituten van alle grote landen
(civiel en militair) zitten er geloof ik bij.
2. Een site met een beetje
dezelfde info als het KNMI, maar kijkt iets verder vooruit. Heeft het vaak goed
voor wat betreft de wind
3. Een site die wat verder vooruit kijkt. De
isobaren geven lijnen aan waar de luchtdruk even hoog is. Lopen de lijnen dicht
bij elkaar, dan is er veel drukverval in een “klein” gebied en waait er veel
wind; liggen ze ver uit elkaar, dan is er weinig wind. Dit is een site die wat
oefening vergt om er wat aan te hebben: na een tijdje kun je vertalen wat een
bepaald plaatje betekent voor de wind en golven op zee.
4. Een site van
Rijkswaterstaat. Deze geeft actuele gegevens aangaande wind en met name golven.
Topsite, met name om ook even in een wat verdere omgeving te controleren wat de
golven doen (bij een noorden- of noordoosten wind komen de golven vaak over de
hele lengte van de kust en wil er gemakkelijk een vervelend zeetje ontstaan; het
helpt dan om ook even bij IJmuiden en de Wadden te kijken naar de golfhoogte om
te zien wat er aan zit te komen)

5. De site van onze eigen KNMI Met name de meerdaagse
voorspelling en de scheepvaartweerberichten interesseren ons natuurlijk Let wel
op dat de windsterkte voor de meerdaagse voorspelling boven land geldt. Op zee
moet je rekenen op één of twee Beaufort meer. De voorspelde golfhoogten zijn
reuze handig om de avond voor je boottocht nog even te controleren.
6.
Via actuele waterdata kun je de voorspelde golfhoogte buitengaats zien in ons gebied voor ongeveer de komende
dag.
7. De waterweer site van de Deltavissers Topsite; zeer
gebruiksvriendelijk en veel relevante info.

De helling in de buitenhaven van
Stellendam
Vanaf deze helling kun je om bij de Maasvlakte te komen de
zuidroute nemen, via de kop van Goeree. Via deze betonde route doe je er bij 20
knopen een minuut of 40 over om bij de Blokkendam aan te komen. Het kan ook via
de noordkant, Rockanje en de Slufter. Je moet dan wel door het onbetonde gat van
Hawk met zijn verraderlijke ondiepten. Bij een redelijke golfslag is dit
absoluut af te raden want met de optredende grondzeeën gaat het dan fout. Maar
is het rustig weer dan scheelt deze route toch al gauw een kwartiertje.
Het gat van
Hawk
De helling op de Maasvlakte, begin Blokkendam, vereist nogal wat
power van je auto en traileren met laag water is onmogelijk. Het water voor de
helling is erg ondiep, zodat je dan vette problemen hebt. De trailerhelling is
bovendien spekglad, wat ook wel eens voor avonturen zorgt. Probeer indien
mogelijk eerst wat zand over de rotstukken te strooien op de helling. Tevens
zijn een paar kegblokken achter de wielen van je auto niet verkeerd. Een ander
nadeel is dat wanneer het hoog water is je niet een kade hebt of palen waaraan
je de boot even vast kunt houden.
Helling
bij de blokkendam op de Maasvlakte
Bij een beetje wind vanuit
zuidelijke richtingen zoekt de boot zo verkering met de blokkendam. Vanuit de
verschillende verenigingen wordt gewerkt aan de realisatie van een mooie
trailerhelling wanneer de 2e Maasvlakte wordt aangelegd. Maar hoelang dat nog
duurt? Het voordeel van deze helling is wel dat je direct bij de Blokkendam
bent.
De helling in Scheveningen is een hele comfortabele. Deze is
gelegen in de buitenhaven en is net als in Stellendam heel beschut. Tot en met
windkracht 5 is het toegestaan hier te traileren. Je moet dan wel lid zijn van
“De Afrit”.

Helling in
de Scheveningse haven
Vanaf ’s Gravezande is het ook mogelijk het
water in te komen. De plaatselijke WSV rijdt je boot dan met een trekker het
strand op en het water in. Ook hiervoor is een lidmaatschap wel
nodig.
Ook het traileren vereist de nodige aandacht. Een ongeluk zit
immers in een klein hoekje! Vaak geschiedt dit namelijk middels een waadpak. Tot
aan je middel in het water staan met sterke stroming, uitglijden, en door de
lucht in je waadpak ondersteboven komen te hangen, is zo'n
scenario.
Stekken
Met de boot kun
je allerlei stekken bereiken die je vanaf de kant niet kunt bereiken. Voordat we
een beschrijving geven is het eerst van belang te weten dat je rond de monding
van de Waterweg en in de Waterweg zelf niet vanaf de boot mag vissen. Het verbod
gaat dus verder dan alleen een ankerverbod. Je ziet weleens bootjes de
Blokkendam afstruinen op zoek naar zeebaars, maar dit is dus niet toegestaan.
Behalve het risico van een forse boete is dit vanwege de drukke scheepvaart
natuurlijk ook niet zo veilig. Vissen is toegestaan ten zuiden van de lijn boei
MW5 naar het zuiderlijk havenlicht en ten noorden van de lijn boei MN1 naar de
meest noorderlijke positie van het noorderlijk havenlicht. 
Grofweg
tussen de dubbele lijnen (bij 58 en 02) verboden te vissen, check je zeekaarten
voor de details.
De zuider-Blokkendam is te bevissen vanaf de helling
tot de plek waar het hoge duin begint. In dit stuk mag je dus ook ankeren. De
Blokkendam zelf is een goede stek voor zeebaars en al driftend (zonder motor!!)
kun je er met kunstaas of de vliegenhengel leuke resultaten boeken. Vanaf de
Blokkendam wordt loopt de diepte snel op van een meter of 10 tot een meter of
17. De bodem bestaat hoofdzakelijk uit klei, maar hier en daar zijn ook
zandplaatsjes en kiezelbodems te vinden. Het kan qua vangsten dus nogal
verschillen waar je precies gaat liggen. Omdat deze zandplaatjes en kiezelbodems
klein zijn, kan het verschil soms enkele meters uitmaken. Voor de Blokkendam
zijn alle vissoorten te vangen die je ook vanaf de kant vangt. In de winter is
de gul favouriet en in de zomer de tong. Wanneer het stroomt boek je de beste
resultaten. Zowel de eb- als vloedstroom giert langs de blokken en als er ook
nogeens wind staat en dus golven kan het er goed spoken. De zee kan 100 meter
van de Blokkendam af plotseling een stuk rustiger zijn! Verder van de Blokkendam
af verandert de bodem van klei naar zand en hier treffen we in de winter, voor-
en najaar vooral wijting en schar aan. De MV-boei is het bekendste
markeringspunt. Voor de Slufter is ook genoeg vis te vangen, maar omdat de
stroom minder hard is en de bodem ondieper is het hier wel minder. Maar je kunt
er wel lekker uit de wind liggen als die in de noordhoek ligt. Bij de Sam-boei
en de W-boei liggen wrakken die, mits je ze stilletjes benaderd, leuke
resultaten kunnen geven als het gaat om zeebaars.
Bij de monding van het
gat van Hawk tot aan de kop van Goeree is de bodem gevarieerd qua samenstelling
en diepte. Het lijkt er wel op de wadden qua stroompjes, geulen en platen.
Hoewel er weinig gevist wordt zit er vis zat. De soortenrijkdom is er vooral in
de zomer heel erg groot. De randen van de geultjes zijn het domein van zeebaars,
maar ook alle andere vissoorten komen hier azen op het vele voedsel dat in het
relatief ondiepe rustige water aanwezig is. In de zomer wordt er door de beroeps
vooral gevist op garnalen en dat zegt wel iets over het voorkomen van dit aas.
Let bij een redelijke wind wel op, want de verraderlijke grondzeeën zijn hier
flink aanwezig.
Op naar de beste visgronden. De visboot van Albert Lansink
#229
Bij de Noorder-Blokkendam mag je aan de buitenkant vissen. Het
verboden gebied loopt vanaf de kop schuin de zee in. Ook de dam zelf geeft mooie
zeebaarsresultaten. De bodem bij de kop richting noorden is ruiger dan bij de
zuiderdam. Er liggen zo her en der nogal wat kabels en stenen en een anker ben
je zo kwijt. De visstand is hier gevarieerder dan bij de zuiderdam. De aantallen
zijn minder groot, maar je vangt veel meer soorten tijdens een sessie. In de
zomer vang je er tong en is de makreel ook prima aanwezig. In de winter is het
vooral schar en wijting. In de eerste drie maanden van het jaar is hier
opvallend weinig gul te vangen. De rest van het jaar zijn ze er eigenlijk
continu. Het voordeel is verder dat je met wind uit de zuidhoek lekker in de
luwte kunt gaan liggen. Driftend kun je in de buurt van de vaargeul zeebaars,
gul en soms ook een lengetje verschalken op kunstaas.
Vanuit Scheveningen
kun je ook prima onder de kust gaan vissen, zeg maar op het wijd. De zandbodem
staat garant voor schar, wijting, bot, tong, makreel en ga maar door. Gul zul je
hier wat minder aantreffen.
De Indusbank, een ondiepte tussen
Scheveningen en de Noorderpier, een mijl of 5 uit de kust, is in het na- en
voorjaar dé stek voor schar en wijting. Rond de Maasvlakte, vooral aan de
noordkant, zijn op korte afstand ook verschillende wrakjes te vinden die een
redelijk bestand aan gul kennen. Verder uit de kust kun je nog grotere en meer
wrakken vinden waar je werkelijk van alles kunt vangen.
Het oversteken van de Waterweg
Zelf vind ik het oversteken van de vaargeul
nog altijd een geweldige ervaring. De waterdiepte verandert plotseling naar 35
meter en er zijn allerlei kolken en stromen aanwezig die nopen de aandacht erbij
te houden. Het is geen ongevaarlijke trip, maar goed te doen. Wel moet je goed
op de scheepvaart letten, die grote boten varen veel harder dan je denkt. Verder
is het absoluut af te raden om de geul over te steken bij redelijke wind uit de
noord en afgaand water. Rond de noorderpier op de stroomnaad is het dan
levensgevaarlijk!!! Zelfs de Stella Bel gaat er dan niet uit! De meest
aanbevolen route is om op enige afstand van de monding de geul te passeren. Dan
heb je goed uitzicht naar alle kanten. Niet elke boot vaart recht naar buiten,
zeker de sleepboten, pilotboten, andere ondersteunende diensten en niet te
vergeten vissersboten komen soms uit onverwachte hoek en met grote snelheid.
Houdt ook rekening met de golfslag die juist deze kleinere boten kunnen
veroorzaken, om niet te spreken van de Stena!!
Wrakvissen
Bij het wrakvissen is het natuurlijk eerst zaak om het wrak te vinden.
Daarvoor is een GPS onontbeerlijk. Vervolgens hebben we de coördinaten van het
wrak nodig. Bovendien moeten we weten in welke kaartdatum de coördinaten gegeven
zijn. Wat is de kaartdatum? De aarde is ongeveer een ellipsoïd, zeg maar een
afgeplatte bol. Bij het maken van een zeekaart wordt er een tweedimensionale
afbeelding gemaakt van die bol, dat heet een projectie. Nu is de aarde niet echt
een bol en om de zeekaart van een bepaald gebied nu zo goed mogelijk op de echte
situatie ter plekke te laten aansluiten, werd niet overal ter wereld precies
dezelfde projectie gebruikt. Welke projectie gebruikt is bij een zeekaart wordt
aangegeven door de kaartdatum. Bij ons was dat de Europese Datum 1950 (kortweg
ED50). Met de komst van de GPS kwam er ook behoefte aan systemen die wereldwijd
dekking hadden. De meest gebruikte is tegenwoordig World Geodetic System 1984
(kortweg WGS84). Omdat de projecties iets verschillend zijn, zijn de coördinaten
van één punt ook iets verschillend. Als je ED50 wrak coördinaten zonder
aanpassing in een WGS84 systeem gebruikt kom je een paar honderd meter verkeerd
uit. Op letten dus.
Een stevige wrakkenboot van Philip Klepke
#14
Goed, we hebben de coördinaten in de juiste kaartdatum en zijn
naar het punt toe gevaren. Op het echolood is de structuur waarneembaar en nu
willen we gaan vissen. Dan zijn er in principe twee manieren: ankeren of
driften. Als we ankeren moeten we natuurlijk bovenstrooms van het wrak ankeren,
bij voorkeur zodanig dat de boot nog net bovenstrooms van het wrak ligt. Als we
dan het lood laten zakken en het wordt door de stroom meegenomen komt het
precies in het wrak of de stroomgeul net voor het wrak terecht. Als we driften
varen we bovenstrooms van het wrak en laten ons er overheen driften. Wrakvissen
is voor 80 % een zaak van de boot precies goed leggen: een verschil van een paar
meter kan gigantisch schelen in de vangst. Ik heb wel meegemaakt dat bij het
driften, een verschil van nog geen tien meter het verschil betekende tussen 10
gullen van 60+ centimeter en niks.
Ankervissen
Vraag bij
het halen van je aas waar de vis zit: in de meeste hengelsportzaken aan de kust
weet men meestal wel op welke diepte de vis zit. Vervolgens is het een kwestie
van de kust uitvaren naar de gewenste diepte (uiteraard op een plek waar je
buiten de vaarroute voor het meeste scheepverkeer ligt) en het anker laten
zakken. Aan de helling is vaak ook goede info te krijgen van andere bootvissers.
Is er geen resultaat na een tijdje vissen, dan is het een kwestie van anker op
en ergens anders proberen (dieper of minder diep). Bij het makreel vissen (en
soms het baarsvissen) is het zaak op de meeuwen en sterns te letten: is er een
zwerm actief, dan is daar vis aan het jagen, dat wil zeggen makreel of baars.
Gewoon naar toe varen en je boot laten driften en even later ligt er een stevig
maal vis in de emmer.
Charterboten
Er zijn
grofweg twee soorten charterboten: omgebouwde kotters waar je meestal met een
man of 30 (of meer!) tegelijk kunt vissen en de kleinere, snelle charters.
Voordeel van de kotters is dat de prijs voor een dag lager is en dat je er ook
met een hele groep tegelijk op mee kunt. Meestal is er wel iets van een kantine
aan boord, er kan koffie e.d. gekocht worden. Nadeel is dat de kotters relatief
langzaam varen en men dus enerzijds een wat kleinere actieradius heeft (let wel:
men komt nog makkelijk 50 kilometer uit de kust hoor), anderzijds dat er een
gemengd publiek aan boord kan zijn (lees: niet altijd even bedreven in het
vissen van zo’n kotter).
De Stella Bel, een echte kotter
Bij de kotters
zijn er twee soorten visserij: wrakvisserij (op gul) en de ankervisserij. In de
winter wordt er voor anker op schar en wijting gevist; in de zomer wordt er veel
op makreel en tong gevist.
Voordeel van de kleinere charters is dat het
vissen meestal echt het doel van de dag is en dat er meestal doorgewinterde
vissers aan boord staan. De boten zijn meestal veel kleiner dan de kotters, en
ook veel sneller. De prijs van deze charters ligt een stuk hoger dan bij de
kotters. Wel gaat men ook naar de verder gelegen wrakken. Op de wrakken wordt op
gul en op zeebaars (in de zomer) gevist. Kijk maar eens op "Ruuds page" voor de
mogelijkheden.
Op de Oosterschelde is er sinds enkele jaren nog een
mogelijkheid: zelf varen met een gehuurde boot! Absoluut een aanrader, niet
alleen voor de vangsten en de sfeer, maar ook om eens te oefenen!
Zelf
varen, een heerlijke ervaring!
Vissen vanaf een kotter
Helaas is het vissen met een klein bootje niet voor iedereen weggelegd.
De aanschaf en het varen is aan de prijs, dus velen kiezen als ze willen
bootvissen voor een charterboot. Dat kan door met een stel vrienden (of
Eurovissers) een boot af te huren of op te stappen. Opstappen kan meestal alleen
door de week omdat in het weekend de boten vaak afgehuurd zijn. Je kunt dan
bellen met een chartermaatschappij en horen of er wordt gevaren en of er nog
plaats is. In de zomer al zo'n boot veelal op de makreel of op de gul gaan, in
de winter wordt er ook voor anker gevist.
Het is een misverstand te
veronderstellen dat er goede en minder goede plekken op een boot zijn.
Natuurlijk hangt het er bij het wrakvissen vanaf hoe er gedrift wordt, maar in
principe kan iedereen evenveel vis vangen. Anders is dit bij het ankervissen
waar de gebruikte techniek van belang is hoeveel vis je vangt. Vissers die graag
achterop of juist voorop willen zitten doen dit meestal vanuit de eigen
voorkeur. Achterop de boot hoef je niet ver te gooien en is het dus
gemakkelijker vissen. Voorop moet je up-tide gooien en dat vereist iets meer van
de (werp)techniek. Het midden van de boot is comfortabel, maar daar is het
risico om in de knoop met je buurman te raken iets groter.
De boot gaat
altijd met de boeg op de stroming liggen, met andere woorden, de stroming loopt
van voor naar achter. Alleen als er veel wind staat (of geen stroming) zal de
boot met z'n kop in de wind gaan liggen. Bij het ankervissen is het van belang
dat je aas op de bodem ligt. Vis daarom met lood dat zwaar genoeg is, minimaal
150 gram en liever nog 200 gram. Zit je achterop dan kun je het aas laten zakken
of dichtbij ingooien. Geef dan wel de nodige lijn om er zeker van te zijn dat
het lood goed ankert op de stroom en je lijn in een -grote- lus ligt. Zit je
voorop de boot dan moet je naar voren ingooien en niet teveel lijn geven. De
stroming zorgt er vanzelf voor dat je aas op de bodem wordt geduwd. Je lijn
staat dan recht naar beneden. In het midden is het zaak van de boot af te gooien
en iets naar voren. Ook dan moet je iets lijn geven zodat de lijn in een mooie
lus komt te liggen.
Op de boot vissen we altijd met afhouders en nooit met
losse lijnen. De afhouders kunnen op allerlei manieren zijn uitgevoerd, als
standaard of verzwaard, plastic/metaal, als weegschaal of als spin. Vaak is de
persoonlijke voorkeur belangrijker dan de voorkeur van de vis!!!

Drie
typen afhouders.
1. Plastic met veertjes, erg populair op het moment
2. De
spin voor het vissen onder de boot
3. Verzwaard met schuifloodjes om het aas
goed op de bodem te houden
Het aas is dik: er zitten de nodige
pieren, mesheften of zagers op de haak. Het ophalen doen we op tijd, dat wil
zeggen haal niet direct na een aanbeet op, je hebt immers drie haken! Als de vis
fanatiek aast kunnen de drie haken al na vijf minuten vol zitten, soms is het
pas na 20 minuten ophalen!!
Tot slot
Het vissen
vanuit een bootje is een geweldige bezigheid met grote kans op veel vis. Echter,
er is ook veel aandacht nodig voor veiligheid. Bovendien heb je te maken met
meer gebruikers zoals scheepvaart, vissers, recreanten, etc. Op het water gelden
andere regels dan vanaf de kant maar bovenal is het elkaar respecteren en
hoffelijkheid de sleutel om van bootvissen echt te kunnen genieten. Wat als
allerlaatste gezegd moet worden is het volgende. Op de grote zee gelden andere
regels. Echter, sommigen menen dat dan ook maar gelijk het afval over boord mag.
Losse lijnen, kranten, doeken, plastic zakken, noem maar op. Niemand die er last
van heeft! Zelf heb ik mijn motor al eens aan stukken gevaren omdat er een stuk
drijvende vislijn in de schroef was gekomen. En je moet er toch niet aan denken
met volle vaart op een stuk drijfhout te varen? Neem al je afval gewoon mee en
zorg ervoor dat wij met z’n allen nog lang kunnen genieten van dat stuk water
met al z‘n vissen!
Achtergebleven lijnen, niet alleen een risico voor je
boot!!
Vistips
1. Knip de veren
van de makrelenlijn af tot de haakboog. Dit voorkomt dat ze wel de veren maar
niet de haak pakken!
2. Vissen met een gevlochten lijn geeft betere
beetregistratie, maar tijdens het inhalen verlies je wel meer vis!
3. Gebruik
een aasnaald voor het mooi "oprijgen" van het aas. Dit voorkomt wel beet, maar
niet vangen!
4. Je haken zijn niet gauw te groot
5. Zorg ervoor voldoende
te eten en vooral te drinken mee te nemen. Het is heerlijk om buiten te zijn,
maar op zee verlies je best veel vocht is mijn ervaring. Een extra fles water
vind ik dan erg prettig. Een normaal ontbijt en een stevige bruine boterham op
zijn tijd is voor mij ook de beste manier om katterigheid/zeeziekte te
voorkomen.
6. Wellicht overbodig: begin niet met vis schoonmaken, voordat je
op weg bent naar huis. Anders word je doelwit van een bombardement door de
meeuwen.
7. Houd in de zomer je aas en de gevangen vis koel (koelbox,
koelelementen of ijs
mee).